Nmbrs sponsort BNR at Work: de wekelijkse podcast over werk en carrière, eigenzinnige werkgevers, employer branding en HR. In deze aflevering: het ‘regenboogplafond’. Lhbti+’ers worden gehinderd op hun weg naar de top van het bedrijfsleven. Ze zijn daar dan ook flink ondervertegenwoordigd. Lees hier de hoogtepunten of luister de aflevering via de player verderop.
18% van de Nederlandse bevolking - bijna 1 op de 5 Nederlanders - identificeert zich als lhbti+. Dat zijn mensen die bijvoorbeeld lesbisch, homo, transgender of non-binair zijn. Terwijl in de top van het Nederlandse bedrijfsleven slechts 1% van de bestuurders openlijk lhbti+ is.
Pim Blom onderzocht hoe dat komt, welke obstakels lhbti+’ers op hun weg naar de top vinden en welke gevolgen dat heeft voor werknemers én werkgevers. Hij schreef er het boek Door het regenboogplafond over.
Niet jezelf kunnen zijn
Over die gevolgen: “42% van de werkende lhbti+’ers verbergt zijn identiteit op de werkvloer. Al die mensen kunnen dus niet volledig zichzelf zijn, zich niet vrijuit uiten.”
Blom bedoelt niet dat mensen op werk van de daken willen schreeuwen dat ze gay zijn, noch dat ze iets met collega’s zouden moeten delen over hun seksleven. “Het zit ‘m vaak in de kleine, informele gesprekken. ‘Hoe was je weekend?’ Lhbti+’ers wegen hun antwoorden: ga ik zeggen dat ik met ‘mijn vriend’ uit was? Ze lopen op eieren — de hele tijd. Dat leidt af, maakt dat ze zich niet volledig kunnen focussen op werk en hindert hun creativiteit. Het is dus niet alleen een probleem voor het individu maar ook voor de organisatie.”
Een psychologisch veilige werkomgeving
Hoe zorg je ervoor dat iedereen zich veilig voelt, zich durft uit te spreken en zich kwetsbaar durft op te stellen in het team? Je leest het in onze whitepaper 'Zo bouw je aan een psychologisch veilige werkomgeving.'
Minderheidsstress
In de interviews die Blom voor zijn boek deed, hoorde hij dat lhbti+’ers zich vaak een outsider voelen op de werkvloer. En dat dat tot “minderheidsstress” kan leiden. “Mensen gaan harder hun best doen om als gelijken behandeld te worden. Je moet weten: op het werk klinken dezelfde geluiden als elders in de maatschappij. Ik sprak bijvoorbeeld iemand die tijdens zijn sollicitatie te horen kreeg: “Ik ben normaal niet zo van de homo’s, maar jij bent wel een goeie.”
Lhbti+-rolmodellen
Lhbti+’ers hebben rolmodellen in de top van het bedrijfsleven nodig, zegt Blom. “Anders is het heel moeilijk om jezelf in zo’n leiderschapspositie voor te stellen.” Zouden die rolmodellen er wel zijn, dan kunnen mensen zich daar geïnspireerd en aangemoedigd door voelen. Als voorbeeld noemt Blom dat het aantal aanmeldingen van zwarte studenten bij universiteiten toenam nadat Obama president was geworden.
In de C-suite van het bedrijfsleven zijn lhbti+-rolmodellen schaars, maar Ingrid Tappin is er één. Ze is vrouw van kleur, staat aan de top van een bedrijf (ze is CEO van Diverse Leaders in Tech) en is getrouwd met een vrouw. Tappin: “Ik heb er een gewoonte van gemaakt om dat in voorstelrondjes in vergaderingen te benoemen: ‘Ik ben Ingrid, ik kom uit Haarlem en ik ben getrouwd met Sabine.’ Van een collega die zo’n vergadering eens bijwoonde, hoorde ik later dat dat inspirerend was voor haar. Ze mailde me en zei dat ze het als queer vrouw van kleur nooit voor mogelijk hield dat ze in de top van het bedrijf terecht zou komen, maar dat ze die mogelijkheid nu wél zag.”
“Ik heb geleerd dat als je in een leidinggevende positie open bent over je identiteit, je daarmee de omstandigheden creëert waarin anderen ook durven uitkomen voor wie ze zijn. Ik vind dat organisaties een verantwoordelijkheid hebben om ervoor te zorgen dat minderheden gewoon bij de meerderheid gaan horen.”
De worsteling geeft kracht
Blom leerde van Tappin en andere leiders in het bedrijfsleven dat hun worsteling als lhbti+’er hen kracht heeft gegeven. Dat ze daardoor alerter zijn geworden, empathischer, communicatief vaardiger en zelfs creatiever. Bloms oproep aan organisaties is dan ook om deze doelgroep te begrijpen en om hun waarde te zien.
En natuurlijk om die kloof te dichten. Het gat tussen die 1% lhbti+’ers in de top van het Nederlandse bedrijfsleven en de 18% die zich als lhbti+’er identificeert. BNR at Work-co-host Arjan Elbers deed nog een eigen peiling. Geen van de respondenten vindt dat de lhbti+-gemeenschap “volledig vertegenwoordigd” is in de top van het bedrijf waar zij werken. 25% spreekt van een “gemiddelde vertegenwoordiging” en 75% zegt dat deze groep “totaal niet vertegenwoordigd” is.
Blom: “Ik vind dat organisaties ernaar moeten streven om die kloof te dichten. Omdat je als organisatie - zeker de overheid - de samenleving vertegenwoordigt, misschien zelfs beslissingen neemt die deze doelgroep raakt. En omdat het gewoon een oneerlijke situatie is.”
Bij Nmbrs geloven we dat werk beter en leuker kan, met meer aandacht voor mensen en minder gedoe eromheen. Daarom zijn we trotse sponsor van BNR at Work en delen we graag inspirerende verhalen.