Vanaf 2026 wordt de handhaving op de Wet DBA aangescherpt. De Belastingdienst werkt nog zonder verzuimboetes, maar kan wél vergrijpboetes opleggen bij opzet of grove schuld. Bij Nmbrs krijgen we hier steeds meer vragen over. Ondernemers in sectoren zoals beveiliging, zorg en techniek vragen zich af: voldoen wij nog aan de regels? Of lopen we risico op schijnzelfstandigheid? En belangrijker: wanneer is een zzp’er eigenlijk gewoon een werknemer?
Schijnzelfstandigheid of niet: herken je dit?
In de bouw werkt een zelfstandig installateur die al vijf jaar elke maandag op dezelfde locatie staat. In de zorg is het de zzp-verpleegkundige die gewoon wordt ingeroosterd als elk ander teamlid. Op papier zelfstandig, maar in de praktijk? Dat is precies waar de wet schijnzelfstandigheid naar kijkt.
De Wet DBA beoordeelt niet wat je hebt afgesproken, maar hoe de samenwerking er écht uitziet. En vanaf 2026 heeft dat concreet effect: de Belastingdienst controleert actiever en voert ook bedrijfsbezoeken uit.
Wat zegt de wet schijnzelfstandigheid?
De beoordeling van een arbeidsrelatie is de afgelopen jaren verder aangescherpt, onder andere door rechtspraak zoals het Deliveroo-arrest. In de praktijk komt het juridisch neer op drie vragen:
- Is er een gezagsverhouding?
Bepaal jij hoe, waar en wanneer het werk wordt gedaan? - Is er sprake van persoonlijke arbeid?
Moet deze persoon het werk zelf doen, of kan hij/zij zich laten vervangen? - Wordt er loon betaald?
Krijgt iemand een vaste vergoeding voor het werk, in plaats van betaling per resultaat?
Zijn de antwoorden op deze vragen grotendeels 'ja'? Dan is er een grote kans dat er sprake is van een dienstverband, ook als jullie dat allebei anders hebben bedoeld.
Risico schijnzelfstandigheid: wat betekent dit voor jou?
De gevolgen van schijnzelfstandigheid zijn groter dan veel ondernemers denken. Ook al is er in 2026 sprake van een “zachte landing”, de risico’s zijn reëel:
- Naheffing van loonbelasting en sociale premies (tot 5 jaar terug)
- Vergrijpboetes bij opzet of grove schuld
- Actieve controles en bedrijfsbezoeken door de Belastingdienst
Daarnaast kan de zzp’er zelf aanspraak maken op rechten die horen bij een dienstverband, zoals vakantiegeld of doorbetaling bij ziekte. Met andere woorden: het risico van schijnzelfstandigheid ligt grotendeels bij jou als werkgever.
Checklist: zzp of werknemer?
Twijfel je over een huidige samenwerking? De juridische criteria zijn soms abstract. Deze checklist helpt je snel inschatten of er sprake kan zijn van schijnzelfstandigheid:
- Werkt de zzp’er voornamelijk of uitsluitend voor jou?
- Bepaal jij werktijden, locatie of werkwijze?
- Kan de zzp’er zich niet laten vervangen?
- Draait de persoon mee in jouw organisatie alsof het een medewerker is?
- Betaal je een vaste vergoeding per periode?
Herken je meerdere punten? Dan is het verstandig om de situatie goed te beoordelen, voordat de Belastingdienst dat doet.
Wat verandert er nog meer?
Naast de Wet DBA werkt de overheid aan nieuwe wetgeving rondom zzp en loondienst. Het wetsvoorstel VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) introduceert onder andere een inkomensgrens voor zzp’ers. Tegelijk wordt er gewerkt aan een nieuwe Zelfstandigenwet. De exacte invulling is nog in ontwikkeling, maar de richting is helder: de regels worden strenger en duidelijker.
Geen reden om te wachten
De Wet DBA is er niet om ondernemers te beperken, maar om duidelijkheid te creëren. Mensen die structureel onderdeel zijn van een organisatie, horen daar ook de juiste bescherming bij te krijgen.
Eerlijk is eerlijk: veel ondernemers wachten nog af. Maar juist dat afwachten is waar het risico zit. Want zolang een situatie onduidelijk blijft, bouw je ongemerkt verder op iets dat later anders beoordeeld kan worden.
Hoe langer je wacht, hoe groter de impact. Breng daarom op tijd in kaart hoe de samenwerking eruitziet en welke alternatieven er zijn.